Dit artikel verscheen eerder in AD/Utrechts Nieuwsblad
Door onze verslaggever: J.J. Bokkenpoot
De Bilt
De Utrechtsch Studenten Rugby Society speelde dit weekend niet op het eigen vertrouwde Olympus-complex. De bezoekers, het 4e team van RC The Dukes uit ’s-Hertogenbosch, zou bij winst op de heren Stichtse studenten gekroond worden tot kampioen van de 4e Klasse Zuid-Oost. Vanwege de verwachte, massale toestroom van supporters uit het zuiden des lands, was USRS uitgeweken naar een alternatieve locatie bij een *******club in De Bilt, waar de nacht tevoren in allerijl een rugbyveld was uitgelijnd en de achterlijke, met netten bespannen doelen waren vervangen door de fiere H-vormige monumenten die duiden op de aanwezigheid van een verfijnde bier- en barbecuecultuur.
Het bleek geen overbodige luxe. Rond het middaguur werd De Bilt opgeschrikt door een lange stoet luxe touringcars vol uitgelaten Bossche supporters. Blijkbaar was de lucht in de bussen buitengewoon warm en droog geweest, want het Brabantse legioen was extreem dorstig. Direct uit de bus sprintte de meute naar de bar, en de spelers hadden nog nauwelijks de kleedkamer verlaten toen er al talloze kannen bier in omloop waren. Wij Utrechters keken onze ogen uit. Wat een geweldige mensen, die Bosschenaren! Wat een élan! Wat levenslust! ‘Ach, woonde ik ook maar in dat heerlijke ’s-Hertogenbosch’, mijmerde menigeen, een stille traan wegpinkend.
Dukes 4-centurion Grielis
De wedstrijd dan. USRS was vastbesloten om The Dukes het kampioenschap niet cadeau te geven. De heren studenten verschenen aan de aftrap met opgestroopte mouwen en het – spreekwoordelijke – mes tussen de tanden. Echter, de Stichtse stellingen hielden niet lang stand. Het was de Bossche routinier en Dukes 4-centurion Jan Grielis die zijn ploeg bij de hand nam en de – spreekwoordelijke – spijker op zijn kop sloeg: 0-5. Binnen 10 minuten trok een andere routinier, Stefan Cornelissen, de stand verder op naar 0-10. Kersverse vader Sander van Uden pegelde vervolgens eerst de conversie door de palen, en toen hij toch bezig was, prikte hij vijf minuten later ook maar even de volgende 5+2 punten op het scorebord: 0-19. Met ingehouden adem luisterde het publiek of ergens tijdens deze onbesuisde capriolen van Sander het geluid van een knappende hamstring weerklonk, maar wonder boven wonder bleef De Man van Glas intact.
The Original Jattrick
De apotheose van de eerste helft moest echter nog komen. Het was wederom de door de wol geverfde veteraan Jan Grielis die van zich liet spreken. Meerdere ooggetuigen verklaarden achteraf dat Jan met de kreet “Ja, nieuwe, komt-ie!” de bal naar het gezicht van zijn USRS-tegenstander had gedummyd, die daardoor verbouwereerd op het gras ging zitten huilen en Grielis in gelegenheid stelde om zijn tweede try van de dag te drukken – waarmee tevens het begrip Jattrick het levenslicht zag: een Jans’ Hattrick of Jattrick – twee try’s in een wedstrijd.
Rust
Rust. Ruststand 0-24.
USRS geeft niet op
Het verdient zeker vermelding: USRS liet zich door de Bossche overmacht niet uit het veld slaan. Het was de heren van de Society niet aan te zien dat zij ongetwijfeld – zoals Utrechtsche studenten immers betaamt – een groot deel van de voorafgaande nacht hadden doorgebracht in Harer Majesteit’s Eerste Discobar de Wooloomoolloo. Integendeel, ondanks de weinig hoopgevende Bossche overmacht vochten de Utrechters ook in de tweede helft weer fel voor elke meter. Aanvankelijk konden ze echter niet voorkomen dat The Dukes opnieuw uitliep.
Kada porko tin su djasabra
De tweede helft was een minuut of 10 oud, toen het warmbloedige contingent opveerde dat zich langs de lijn had verzameld, relaxed swingend op de roffels van de meegereisde Caraïbische steel drum band ‘Faja Lobi’ en zich naar hartenlust tegoed doend aan Fernandez en gebraden kip. Het was de zoon van Groot-Nederland Miguel ‘Dzjordi’ Steelstra, die zich de maker mocht noemen van de eerste tropische try in de historie op Bilts grondgebied. Even later kon hij opnieuw de geschiedenisboeken in, als maker van de eerste tropische Jattrick ooit in De Bilt. Wat de try extra uniek maakte, was dat op het moment van scoren een deel van Steelstra zich nog ter hoogte van de middellijn bevond. De Biltse gemeenteraad overweegt een standbeeld van (het deel van) Steelstra.
De Messias van de Tackle
Tussen de twee Jattrick-tries van Steelstra in, had opnieuw een routinier de aandacht opgeëist. Een week na Pasen was het niet meer dan logisch dat Piers Horgan – Hij, die dit seizoen op wonderbaarlijke wijze verrees uit de (rugby-)dood, Hij die die op de trainingen als een ware ‘Messias van de Tackle’ Zijn onervaren teamgenoten had geleid op het Pad naar de Enkels (van de tegenstander) – enfin, die Piers Horgan dus, dat ook hij vijf punten bijdroeg aan de zegetocht van The Dukes. Sander van Uden schoot de conversie weer eens met scherp: 0-41.
Geeft USRS nog steeds niet op?
Was USRS nu eindelijk verslagen? Gaven ze de moed op? Gooiden ze de – spreekwoordelijke – handdoek in de – spreekwoordelijke – ring?
Neen!
Neen!
Hun moeders
Echte rugbyers als zij zijn, rechtten de Utrechters de rug, hieven het trotse hoofd en trokken ten strijde. Voor de eer. Voor de club. Voor hun moeders.
USRS redt de eer
En zowaar: na een verbeten aanval verscheen de verdiende 5-41 op het bord. Al werd die al snel gevolgd door de 5-46 en 5-48 (beiden Sander van Uden, die zich daarmee als derde speler de maker van een Jattrick mocht noemen), de 5-53 (‘Polter’ Gijs Wissink, de kwelgeest van iedere defensie), de 5-58 (Jattrick nummer vier van de wedstrijd, op naam van Stefan Cornelissen) en tenslotte de eindstand 5-60 (Sander van Uden).
Dukes kampioen!
Na het laatste fluitsignaal was de ontlading aan Bossche zijde enorm. Het publiek brak door de hekken en het veld stroomde vol met een uitzinnige mensenmassa.
Dukes kampioen! Mooier was het nooit geweest!
De meegereisde, 170-koppige Caraïbische steel drum band ‘Faja Lobi’, volledig bestaande uit familieleden van Miguel Steelstra, trommelde er lustig op los. Het bier en de Fernandez vloeiden rijkelijk. Rode en gele fakkels werden ontstoken en ruige rugbyliederen weerschalden door het anders zo rustige De Bilt. De Utrechtse studenten zouden geen Utrechtse studenten zijn, als zij een feestje aan zich voorbij lieten gaan. Alsof zij zelf ook kampioen waren geworden, mengden de heren artsen en advocaten in spe zich dan ook vol overgave in het gedruis.
Delano Decheiver en Dance Floor
Tot ieders verrassing verscheen plotseling zelfs de sympathieke Haagse volkszanger Delano Decheiver ten tonele, in gezelschap van zijn kameraad en internationaal vermaarde party-act Dance Floor. Met een daverende uitvoering van Decheveir’s onvergetelijke evergreen ‘Dukes Kampioen!’, die door iedereen, Dukes en USRS’ers gelijk, uit volle borst werd meegezongen, sloten de twee rasartiesten op waardige wij het feest af. Althans in De Bilt. Eigenlijk is meer accuraat om te zeggen dat het feest zich verplaatste, om precies te zijn van De Bilt naar De Club en (veel) later naar De Stad. Daar bleef het nog lang onrustig.


