Met nog drie competitiewedstrijden voor de boeg gaat The Dukes nog altijd fier aan kop in de ereklasse. In de achttiende speelronde was ’t Gooi, de nummer twee van de ranglijst, te gast. De bezoekers uit Naarden moesten het met de cijfers 31-12 afleggen tegen een ontketende thuisploeg die daardoor wederom een bonuspunt in de wacht sleepte. Dat het Colts-team beslag wist te leggen op het landskampioenschap maakte de feestvreugde compleet.
Sportiviteit en respect richting de tegenstander staan bij rugby doorgaans in een hoog vaandel. Na afloop van een wedstrijd is het gebruikelijk dat de teams een erehaag voor elkaar vormen, wat telkens onder meer gepaard gaat met amicale uitingen van verbale aard. Dat gebeurde uiteraard ook na afloop van het treffen tussen The Dukes en ’t Gooi. Maar een dergelijk eerbetoon kent soms nog een andere variant: een hommage tussen twee teams van dezelfde vereniging.
Toeval of niet: het ereklasseduel was afgelopen zaterdag nog maar net beëindigd of een grote bus hield halt bij het eigen complex aan de Limietlaan. Met daarin de uitgelaten spelers van het Colts-team(onder 18 jaar) van The Dukes, die eerder op de dag in Amsterdam landskampioen waren geworden. Het talententeam, begeleid door Chris Verwoerd en Gerard Stappershoef, wist de finale tegen hun leeftijdsgenoten van Haagsche RC nipt naar zich toe te trekken.
De kersverse kampioenen vielen bij aankomst als het ware met hun neus in de boter. Het eerste wat op het menu stond was ‘meedansen’ met de hoofdmacht, een vast clubritueel dat door de Bossche rugbyvereniging in een ver verleden in het leven is geroepen om de overwinning te vieren. Altijd vergezeld met het zingen van het belangrijkste couplet van het clublied. De talenten demonstreerden met verve het zang- én dansgedeelte al onder de knie te hebben.
Wat volgde was een speciale erehaag, gevormd door de spelers van Dukes-1. „Geweldig allemaal. Een betere afsluiting van het seizoen hadden we niet kunnen bedenken”, jubelde de 17-jarige captain Jos van der Velden. Kort daarna kleurde de lucht langs de zijlijn rood-geel, een sfeerverhogend element dat tot stand was gebracht dankzij de aanwezigheid van enkele rookbommen.
De feestvreugde onder de manschappen onder leiding van Andy Egonu was vergelijkbaar. De bevlogen trainer-coach was lyrisch over de teamprestatie: „Kijk nog maar eens goed naar het scorebord! De uitslag is echt ongelooflijk. Excellent. De tegenstander heeft vandaag werkelijk geen kans gehad.”
Al na een paar minuten opende de bijna 33-jarige Pieter Quekel de score. De doorgewinterde hooker, terug na een langdurige blessure, was ouderwets op dreef. „Ik heb ongeveer zes weken noodgedwongen langs de kant gestaan. Mede daardoor was ik ontzettend gebrand om te vlammen. Later, toen we voor de derde keer wisten toe te slaan, kwam ik zo’n drie centimeter te kort om af te drukken”, lichtte Quekel toe. „Gelukkig was Ollie (Oliva Sialau, red) in de buurt om het karwei te klaren.” De rentree van Quekel komt geroepen voor The Dukes, dat een week eerder lijdzaam moest toezien hoe international Tom van Ooijen zwaar geblesseerd uitviel tijdens de uitwedstrijd tegen Eemland.
In totaal werd het thuispubliek getrakteerd op vijf Bossche tries. Want behalve Quekel en Sialau kwamen eveneens captain Niel Otto en Bryce McKinnon(2x) tot scoren. De Canadese prop, extra geïnspireerd door de komst van zijn ouders die speciaal waren overgekomen om hun zoon aan het werk te zien, verkeerde in bloedvorm.
Maar wellicht het meest opmerkelijke feit dat verband hield met de wedstrijd was de terugkeer van Javon Camp-Villalovos. „Dinsdagochtend gearriveerd vanuit Dallas, ’s avonds stond ik al op het trainingsveld van The Dukes. Nee, geen last gehad van een jetlag”, aldus de Amerikaan die een substantiële bijdrage leverde aan de overwinning.
Komende zaterdag staat in Leiden de belangrijke uitwedstrijd tegen DIOK op het programma. De club die zevende staat op de ranglijst maar al dertien(!) landstitels heeft behaald.

