In een spannende slotfase zijn de rugbyers van The Dukes er zaterdag in geslaagd om uit bij Haarlem de overwinning over de streep te trekken: 25-33. Het was elfde zege op rij. Maar de wedstrijd had niet heel veel langer moeten duren…
Haarlem uit is dikwijls van een andere orde dan Haarlem thuis. Van dat besef was de equipe onder leiding van Andy Egonu zich voorafgaand aan het duel doordrongen. Bovendien zouden drie belangrijke spelers in de persoon van Mees Voets, Tom van Ooijen en Eli Leber niet inzetbaar zijn vanwege hun selectie voor het Nederlands Deltateam, dat later op de dag in Amsterdam de strijd moest aangaan met de Brussels Devils.
De eerste helft was duidelijk voor The Dukes. De thuisploeg opende weliswaar de score door een penalty tussen de palen te kicken. De tries daarentegen vielen aan de andere kant. Namens de bezoekers waren Bryce McKinnon, captain Niel Otto, Roy Wolters en Patrick Sialau hiervoor verantwoordelijk. „Mijn eerste try in de ereklasse. Dit ga ik vieren! Dat er nog vele tries mogen volgen. Drie weken geleden in de thuiswedstrijd tegen CAS, toen ik mijn debuut maakte, zat ik er dicht tegenaan. Maar ik gaf in die wedstrijd de bal af aan een teamgenoot (Sione Baker, red) die in een betere positie stond”, reageerde Wolters na afloop.
Doordat Milan van Dongen eveneens ontbrak, nam de doorgewinterde Vuga Tagibakicau aanvankelijk de honneurs waar voor wat betreft het nemen van de conversies. Drie van de vier kicks –de laatste was qua moeilijkheidsgraad van de buitencategorie- waren raak. Op slag van rust kwam de van een blessure teruggekeerde Hein Thielen in het veld om hem vervangen. Dat Haarlem op dat moment nog geen vijfpunter had weten te realiseren, was overigens een klein wonder. Aan de andere kant voor een deel zeker ook de verdienste van de ijzersterk opererende defensie van The Dukes. De ruststand was 6-26.
In de tweede helft was sprake van een ander spelbeeld. Haarlem kreeg ondanks een vrij sterke tegenwind langzaam maar zeker grip op het spel. Dat resulteerde al na zes minuten in de eerste tegentry. Dat sport vaak onvoorspelbaar is, bewees Dylan Robinson die ‘stiekem’ tussen de bedrijven door de vijfde Bossche try van de middag produceerde. Thielen slaagde erin de conversie te verzilveren. Achteraf gezien waren het vooral in psychologisch opzicht belangrijke punten, want The Dukes kwam er verder nauwelijks meer aan te pas.
De rooskleurige tussenstand (11-31) verdampte snel, als sneeuw voor de zon. Na de tweede en derde (geconverteerde) tegentry begon de koploper uit Den Bosch behoorlijk te wankelen. Haarlem rook bloed, het was immers slechts negen puntjes verwijderd van een overwinning en daarmee een regelrechte sensatie. De kastanjes lagen al te poffen op het vuur, maar de spelers van The Dukes wisten ze nog net op tijd eruit te halen.
„Het is helemaal niet erg dat ons dit nu is overkomen”, concludeerde McKinnon naderhand. „Als we elke wedstrijd makkelijk zouden winnen, dan liggen gemakzucht en onderschatting gauw op de loer. Dat we meer en meer met de rug tegen de muur kwamen te staan, hebben we grotendeels aan onszelf te danken. Al wil ik tegelijkertijd Haarlem complimenteren vanwege hun strijdvaardigheid. Dat we gedurende de laatste fase twee gele prenten hebben ontvangen, heeft ons vanzelfsprekend ook niet veel goeds gedaan.”
„Ik denk niet dat we Haarlem vandaag hebben onderschat. Op grond van eerdere onderlinge confrontaties wisten we dat het in Haarlem soms aardig kan spoken. Na een sterke eerste helft hebben we na rust nog net op tijd de boel kunnen bijsturen”, aldus Max Leber.
Patrick Methorst maakte zijn debuut bij de hoofdmacht van The Dukes.
Komende zaterdag om 16.00 uur staat op het eigen veld aan de Limietlaan het thuisduel met hekkensluiter BRC uit Breda op het menu. De voorsprong op ’t Gooi, de nummer twee op de ranglijst, bedraagt acht punten.
